4.5 Deelnemen aan een kleine groep

Ze bleven trouw aan het onderricht van de apostelen, vormden met elkaar een gemeenschap, braken het brood en wijdden zich aan het gebed.
Handelingen 2:42


‘Ze vormden met elkaar een gemeenschap.’ Dit heel eenvoudige zinnetje, dat een beschrijving geeft van het leven in de eerste christelijke gemeente, opent een wereld van verbondenheid en betrokkenheid, van intimiteit en oprechte aandacht, van afhankelijkheid en honger naar God. Want in de gemeente van Christus worden mensen aan elkaar gegeven om er voor elkaar te zijn, en om elkaar mee te nemen op de weg achter Jezus aan.

Uiteraard is veel van wat ik hier zeg ook te vinden - als het goed is - in de samenkomsten van de gemeente zoals die worden gehouden op de zondag. Maar toch is in die samenkomsten, waar vaak grotere aantallen mensen bij elkaar zijn, niet mogelijk wat wel noodzakelijk is voor geestelijke groei: dat je in kleine kring op een persoonlijke manier je leven met anderen deelt vanuit het verlangen om meer op Christus te gaan lijken.

Het Nieuwe Testament is vol van zogenaamde ‘elkaar’-teksten, die spreken over een werkelijkheid die je eigenlijk alleen daar ziet ontstaan waar volgelingen van Jezus elkaar daadwerkelijk in de ogen kunnen kijken en elkaar een blik gunnen in hun hart. In de kring van een kleiner aantal mensen - ergens rond de twaalf - kan gaan gebeuren wat beschreven staat in bijvoorbeeld de volgende bijbelteksten:

‘Heb elkaar lief met de innige liefde van broeders en zusters en acht de ander hoger dan uzelf.’ (Romeinen 12:10)

‘Aanvaard elkaar daarom ter ere van God, zoals Christus u heeft aanvaard.’ (Romeinen 15:7)

‘Dan zullen we, door ons aan de waarheid te houden en elkaar lief te hebben, samen volledig toe groeien naar hem die het hoofd is: Christus.’ (Efeziërs 4:15)

‘Wees goed voor elkaar en vol medeleven; vergeef elkaar zoals God u in Christus vergeven heeft.’ (Efeziërs 4:32)

‘Want Gods bedoeling met ons is niet dat wij veroordeeld worden, maar dat wij gered worden door onze Heer Jezus Christus. Hij is voor ons gestorven opdat wij, of we nu op aarde zijn of gestorven zijn, samen met hem zullen leven. Dus troost elkaar en wees elkaar tot voorbeeld, zoals u trouwens al doet.’ (1 Tessalonisenzen 5:9-11)

‘Laten we opmerkzaam blijven en elkaar ertoe aansporen lief te hebben en goed te doen, en in plaats van weg te blijven van onze samenkomsten, zoals sommigen doen, elkaar juist bemoedigen, en dat des te meer naarmate u de dag van zijn komst ziet naderen.’ (Hebreeën 10:24-25)

Elkaar liefhebben, aanvaarden, troosten en vergeven, met elkaar meeleven en goed zijn voor elkaar, elkaar aansporen en bemoedigen - al deze dingen komen pas echt tot hun recht als een kleinere groep leden van Christus’ gemeente een diepere verbondenheid zoekt dan die mogelijk is in een grote samenkomst. Daarbij gaat het er dan om elkaar te helpen in het samen met Christus leven, en om elkaar mee te nemen op de weg naar de dag van Jezus’ terugkomst op aarde.

In zo’n kleine groep kunnen we ons gewone leven met elkaar delen: we tonen belangstelling voor elkaars dagelijkse dingen, voor elkaars zorgen en vreugden, en we kunnen er allemaal ons verhaal kwijt. Dat gebeurt dan bij een geopende bijbel: juist vanuit het Woord van God kunnen we elkaar helpen om het licht van Jezus’ evangelie te laten schijnen over de dingen van ons leven.

In zo’n kleine groep kan een veilige sfeer van verbondenheid worden gecreëerd, als een gave van de Geest, waarin het ook mogelijk is onze echte vragen en worstelingen met elkaar te delen. Want soms gaat het contact in de christelijke gemeente niet verder dan ‘Hoe gaat het? Goed? Ja hoor! (Nee dus)’. Dat is begrijpelijk omdat we nu eenmaal niet met heel veel mensen tegelijk intensief kunnen meeleven. Maar het kan ook een diepe eenzaamheid geven, omdat je je niet gekend en herkend weet in je diepste worsteling. Een kleine groep kan dan de plek zijn waar je kunt worstelen om elkaars ziel.

In zo’n kleine groep kunnen volgelingen van Jezus de vertouwelijke omgang met elkaar en met hun Heer zoeken. Daarbij gaat het niet om de kleine groep als doel in zichzelf, maar om de kleine groep als middel om samen te zoeken naar de betekenis van Jezus’ genade in ons leven. Het is een plek om elkaar heel concreet en nabij vanuit de liefde van Christus te troosten, te bemoedigen, aan te sporen, te vermanen.

‘Ze vormden met elkaar een gemeenschap.’ Een gemeenschap van verbondenheid met elkaar, om te groeien in Christus.


Here Jezus Christus, dank U dat U me roept om samen met anderen U te kennen en te volgen. Zegent U me met mensen om me heen met wie ik diepe verbondenheid mag ervaren, omdat we ons leven kunnen delen in het licht van uw evangelie. Schep een nieuwe verbondenheid, zodat we samen kunnen groeien in uw liefde. Amen.