Aanbidding van Jezus Christus

Recensie door Ab Noordegraaf

In het hart van het christelijk geloof staat de persoon en het werk van Jezus Christus. Het is nodig elkaar daar gedurig weer aan te herinneren. Je komt in onze tijd heel wat postmoderne mensen tegen die nog wel spreken over God in het algemeen of een goddelijke kracht, maar bij wie je weinig hoort over Hem die de weg tot de Vader is.

Nu kun je in de theologische bezinning op Jezus Christus op verschillende manier bezig zijn. De uitlegger van de Schrift onderzoekt met behulp van zijn exegetische instrumenten de teksten. De dogmaticus denkt na over de leer van de kerk. Maar daarnaast kun je ook op meditatieve, spirituele wijze met dit onderwerp bezig zijn. Misschien moet je zelfs zeggen dat deze benadering onmisbaar is voor wie theologie beoefent. Met name de bevindelijke stromingen in de theologie hebben ons steeds weer op die noodzaak geattendeerd opdat we niet ten prooi vallen aan een verschraalde en kille rechtzinnigheid.

De Haarlemse predikant Jos Douma is met het aspect van de meditatie op allerlei wijze bezig geweest. Hij promoveerde een aantal jaren geleden op een proefschrift over de meditatie in het proces van preekvoorbereiding. Daarnaast is hij nauw betrokken bij de beweging Passie voor preken die aandacht vraagt voor de verbinding van geloof en ervaring.

Ook dit boekje laat zien hoe groot de betekenis is die Douma hecht aan een spirituele, bevindelijke omgang met de Bijbel. Zijn verlangen is om Christus in zijn geloofsbeleving en ambtelijke bediening centraal te stellen en Hem in het midden alles te laten zijn. Dat verlangen wil hij met zijn lezers delen. Douma weet terdege dat dit verlangen lang niet altijd even sterk aanwezig is. We worden immers opgeslokt door een veelheid aan verplichtingen, beslommeringen, afspraken, zodat de omgang met de Heer er heel makkelijk onder lijdt. Daarom moeten we dagelijks tijd vrij maken voor geconcentreerde oefening in de spiritualiteit van de meditatie en het gebed. Dit boekje is bedoeld om ons er bij te helpen.

Aanbidding
Het is het derde deel van een kleine trilogie over Jezus. Na een deeltje over de centrale plaats van Jezus Christus en een tweede deel waarin de schrijver zijn lezers een pastorale handreiking biedt hoe in het dagelijks leven met Jezus om te gaan en iets van zijn liefde uit te stralen, komt in dit deel het aspect van de aanbidding naar voren. Het is voor de schrijver de manier waarop Jezus zijn en ons leven tot in de kern vernieuwt.

Wie groot geworden is met de theologie van Calvijn weet hoe de glorie van God en de verheerlijking van zijn Naam bij hem centraal staat. Maar toch neemt bijvoorbeeld in de gereformeerde liturgie de notie 'aanbidding' geen aparte plaats in, anders dan bijvoorbeeld in de anglicaanse traditie. Dat zal stellig samenhangen met het besef van de voorlopigheid en de gebrokenheid van het christelijk leven, de angst om te vervallen in een theologie van de glorie die aan de kruisgestalte voorbij ziet. Toch loop je dan gevaar aan wezenlijke noties van het Bijbels getuigenis voorbij te zien. In de psalmen kom je de roep uit de diepte en de aanbidding van Gods grote daden naast elkaar soms in één psalm - tegen. In het begin van het Nieuwe Testament lees je van herders en wijzen die de geboren Heiland aanbidden.

Alle reden dus om er aandacht voor te vragen. Daarbij de auteur wijst er terecht op kan aanbidding heel verschillende vormen aannemen waarbij zowel ruimte is voor de uitbundige lofprijzing maar ook voor de stille verwondering. De kern van de aanbidding is dat een mens zich richt op de grootheid van God die we in Jezus Christus ontmoeten om die te bewonderen en te aanbidden. Aanbidding is belangrijk omdat de Heer het waard is. Aanbidding wijst ook de weg om uit het slop van teleurstelling en bezorgdheid weg te komen.

Nu komt de rechte aanbidding op uit de omgang met de Schrift. Want daarin leren we de grootheid en de goedheid, de majesteit en de liefde van God kennen. Er kan nooit sprake zijn van aanbidding als we niet gehoorzaam luisteren naar wat ons is geopenbaard. Het zal duidelijk zijn uit deze enkele zinnen dat Douma met zijn pleidooi voor aanbidding allerminst boven de begane grond zweeft. Warmte en bezieling gaan bij hem hand in hand met gelovige nuchterheid die ernst maakt met Gods gebod. Tekenend is de verwijzing naar het antwoord van de Heidelbergse Catechismus inzake de vraag naar de betekenis van het eerste gebod. De glorie van Jezus Christus aanbidden is, zo vertaal ik zijn bedoeling, ook een protest en een afwijzing van de goden en de machten die ons willen verleiden.

Direct
in dit boekje komen in veertig korte hoofdstukjes veertig aspecten aan de orde, verdeeld over een viertal thema's: de namen van Jezus, zijn deugden, zijn daden en zijn woorden. Elk hoofdstukje omvat twee pagina's, die de lezer willen helpen om met de Bijbel naast zich te mediteren over wat gezegd wordt. leder kan dat persoonlijk doen, maar de schrijver pleit ervoor om het samen met twee of drie anderen te doen. De beknoptheid heeft mede als doel om geconcentreerd te lezen en zich in te prenten waar het op aankomt. De meditatie wil ook leiden tot gebed en voorbede.

Om u een indruk te geven van wat aan de orde komt, noem ik de onderwerpen in de rubriek 'deugden van Jezus': eeuwig, goed, wijs, almachtig, barmhartig, rechtvaardig, liefdevol, nederig, heilig, alomtegenwoordig. Tot in de opschriften toe komt het directe en persoonlijke naar voren. Zo staan de opschriften in de ' tweede persoon: U bent de Messias, U bent heilig, U geneest, U bent opgestaan, U zegt: 'ik kom spoedig', om slechts enkele voorbeelden te noemen. Uiteraard betekent de beknoptheid dat sommige dingen summier aan de orde komen.

Niettemin is de schrijver erin geslaagd op een rake manier, soms in een enkele zin, de essentie van zijn onderwerp te treffen. Ik geef een voorbeeld. Over Jezus als de hogepriester lezen we: 'Het is geweldig om hem zo te kennen. Want ik hoef nooit meer voor mijn eigen zonden te boeten, want hij heeft dat voor mij gedaan. Ik hoef nooit meer bang te zijn dat mijn bidden ontoereikend is, want hij bidt altijd voor mij'.

Door de opzet veertig hoofdstukjes is het boek heel geschikt om in de veertigdagentijd voor Pasen te gebruiken. Maar ieder kan uiteraard ook een andere periode kiezen. Ik vind het een mooi boekje, heel geschikt ook om iemand cadeau te doen. Met de wens van de auteur dat dit boekje onder de zegen van de Geest van Christus ons dichter bij het hart van Jezus en dus ook bij ons eigen hart mag brengen, stem ik gaarne in. Zeer aanbevolen meditatielectuur!