Jezus ontdekken in Adventstijd
Vragen en gesprekspunten

Dit boekje is heel geschikt om in de Adventstijd persoonlijk te lezen. Ook kan het heel inspirerend zijn om met bijvoorbeeld een bijbelgroep dit Adventsboekje te gebruiken om samen geloofsgesprekken te voeren. De onderstaande vragen en gesprekspunten bieden daarvoor een handreiking.

Vragen en gesprekspunten als PDF-document

Bij 'Advent vieren'

1. Wat heb jij met Advent? Waar staat Advent voor jou voor?
2. Hoe zou je in de Adventsperiode de woorden uit Filippenzen 3 vers 8 (opnieuw) kunnen laten landen in je leven van elke dag?
3. Hoe probeer jij zelf vorm en inhoud te geven aan het lezen van de dagelijkse overdenkingen (welk tijdstip kies je, waar doe je het, hoe begin je)?
4. Welke zin uit het inleidende hoofdstukje ‘Advent vieren’ spreekt je het meeste aan?

Bij 'De week van de eerste Adventszondag'

1. Welke rol spelen de Psalmen in jouw geloofsleven? Hoe komt dat?
2. Lees samen Psalm 25 en deel met elkaar welk vers uit de Psalm een speciale zeggingskracht voor je heeft met het oog op Advent.
3. Waar verlang jij naar (bij Psalm 25)?
4. Welke rol spelen Gods ‘laaiende vuur; en zijn ‘wervelende stormwind’ in jouw geloofsbeleving (bij Psalm 50)?
5. Hoe kunnen we het lichtende gelaat van de Heer zien (bij Psalm 80)? Waar? Op welke wijze? Wanneer?
6. ‘Wie Jezus eert, eert God’ (bij Psalm 85). Herken je dat? Is er ook niet het gevaar dat we ons focussen op Jezus ten koste van God de Vader?
7. Groeien in gebed betekent dat de verlangens van de Heer steeds meer de onze worden (bij Psalm 145). Hoe zie je dat bij jezelf?

Bij 'De week van de tweede Adventszondag'

1. ‘Verlangen naar verlossing.’ Waarvan willen de mensen verlost worden? Waarvan wil jij verlost worden?
2. Hoe rust de Geest, die op Jezus is, ook op ons? Waaraan merken we dat hij op ons rust?
3. Waar gaat jou verlangen naar uit, wat wil je heel erg graag? Hoe overwin je gerichtheid op jezelf?
4. Wat stel jij je voor bij de luister en de majesteit van onze God? Hoe zie en ervaar jij de glorierijke Heer en herder?
5. Welke andere goden kunnen er in ons leven zijn? Hoe kunnen we elkaar helpen om alleen Jezus onze God te laten zijn?
6. Verlang je naar het nieuwe paradijs? Wat is volgens jou het meest kenmerkend voor dat nieuwe paradijs?
7. Jezus is onze gewonde Genezer. Zie je zijn striemen? Wil je je door hem laten genezen?

Bij ‘De week van de derde Adventszondag’

1. Verlang jij naar een heiliger leven? Hoe gebruik jij daarbij in je persoonlijke leven de wapens van Woord en gebed?
2. Heb jij een geloof dat snel tevreden is of een geloof dat vervuld is met vreugde en vrede en verlangt naar meer? Hoe komt dat?
3. Wat betekent het voor je dat je een tempel van de levende God bent?
4. Welke kenmerken kun je noemen van de gezindheid van Christus? Zie jij deze gezindheid ook in jouw kerkelijke gemeente? Waar dan? Bij wie?
5. Altijd verheugd? Hoe kan dat onder moeilijke levensomstandigheden?
6. Advent is een oefening in dankbaarheid voor wat Jezus geeft: een heilig leven. Herken je dat heilige leven al bij jezelf?
7. Leven in het donker en leven in het licht: zoek de tien verschillen!

Bij 'De week van de vierde Adventszondag'

1. Zacharias moest een tijdlang zwijgen. Wat zou jij in jezelf ontdekken als je een tijdlang moest zwijgen?
2. Hoe bijzonder vind jij Maria? Hoe is zij voor jou een voorbeeld?
3. Hoe probeer jij om je eigen persoonlijke leven ingebed te zien liggen in Gods grote en eeuwenoude plan?
4. Advent is: genieten van genade. Bespreek samen voorbeelden van genade-ervaringen die je hebt meegemaakt.
5. Wij zijn door onze verbondenheid met Jezus allemaal profeten. Hoe komt dat in jouw leven tot uitdrukking?
6. Simeon wordt diep in zijn hart geraakt. Hoe zit dat bij jou?
7. Oude mensen spelen een belangrijke rol rond Jezus. Hoe kijk jij aan tegen oude mensen? Of als je zelf oud bent: wat betekent dat voor jou als je dat vergelijkt met bijvoorbeeld de oude Hanna?

Bij 'De Kerstdagen'

1. Wat vind jij het mooiste aspect van Kerst?
2. Praat samen door over de grootheid (glorie, heerlijkheid) van Jezus, het samen gaan van menselijkheid en goddelijkheid, van eeuwigheid en kwetsbaarheid. Wat treft je daar het meest in?
3. Niet alleen Jezus, ook jij bent het licht voor de wereld (door je verbondenheid met Jezus). Hoe kan dat in je leven meer zichtbaar worden?